De kracht van film op de pabo

Film is de taal van onze tijd. Kinderen groeien op in een gemedialiseerde samenleving vol bewegend beeld: thuis, op sociale media en op school. Daarom is het belangrijk dat kinderen kritisch en creatief met deze beelden leren omgaan, als kijker en als maker. Bovendien biedt film een natuurlijke brug naar betekenisvol onderwijs. Film kun je benutten als een didactisch middel dat abstracte stof tastbaar maakt, vakken met elkaar verbindt en leerlingen activeert. Maar hoe pak je dat aan, als leraar? En hoe kun je als lerarenopleider aankomende leerkrachten helpen om die kansen te zien en te benutten? Dat kan met filmeducatie: het bewust kijken, maken en onderzoeken van film.

" Op de pabo werken we altijd vanuit een dubbelrol; we leiden de student op die het kind gaat begeleiden in diens onderwijs. "

In dit artikel zetten we uiteen wat filmeducatie de betrokkenen allemaal op kan leveren.

Veelzijdigheid van filmeducatie

De mogelijkheden van filmeducatie zijn eindeloos en daar kun je als lerarenopleider de vruchten van plukken. Ingewikkeld hoeft het niet te zijn: het kan al beginnen met een goed gekozen fragment en een heldere vraag. Wil je een stapje verder? Geef een vakinhoudelijk college diepgang door samen een fragment uit een documentaire te bekijken, het gesprek te voeren over perspectief en bronbetrouwbaarheid, en studenten vervolgens een korte maakopdracht te laten uitvoeren. Ook kun je denken aan een filmportfolio, waarin studenten hun denkstappen, vaktaal en groei laten zien. Filmeducatie biedt ruimte voor differentiatie, reflectie en formatief handelen. Het is een didactisch instrument dat meebeweegt met je curriculum.

De aankomende leerkracht kan de veelzijdigheid van filmeducatie benutten om de verschillende vakgebieden in samenhang aan te bieden. Een student kan bijvoorbeeld aan de hand van een film een les ontwerpen voor wereldoriëntatie en daarmee tegelijkertijd doelen van digitale geletterdheid behandelen. Of wat te denken van het maken van een korte film over een kinderrecht, om zo taal en burgerschap aan elkaar te verbinden?

" Door zelf film te kijken en te maken, ervaren studenten wat dat in het leren teweegbrengt, zodat ze filmeducatie kunnen inzetten op stage en in hun toekomstige klas."

De leerling doet met film vakkennis en -vaardigheden op en ontwikkelt zich tegelijkertijd sociaal-emotioneel. Film maken brengt namelijk vrijwel altijd samenwerking met zich mee. Bij het maken van film worden leerlingen uitgedaagd om met elkaar tot een eindproduct te komen en daar zijn goede communicatieve vaardigheden voor nodig. Film spreekt bovendien verschillende talenten binnen een groep aan, waardoor iedereen op een manier kan meedoen die bij hen past. Ook kan film kijken een goed startpunt vormen voor dialoog en het ontwikkelen van vaardigheden zoals respectvol met elkaar omgaan en open naar elkaar luisteren. Met filmeducatie kan iedereen gehoord worden en diens eigen perspectief delen.

Betekenisvol onderwijs door filmeducatie

Als lerarenopleider kun je filmeducatie benutten om studenten te ondersteunen bij hun professionele ontwikkeling. Voer bijvoorbeeld aan de hand van film gesprekken over maatschappelijke thema’s die hen raken in hun toekomstige positie als leerkracht in een diverse samenleving. Of reflecteer op het onderwijsvak aan de hand van documentaires of fictiefilms over opvoeding en onderwijs. Filmeducatie bereidt studenten bovendien voor op het lesgeven in een digitale wereld. Door zelf een instructievideo op te nemen, een multimediale les te ontwerpen of een kort documentairefragment te analyseren, ontwikkelen zij digitale vaardigheden die van hen als toekomstige leerkracht worden verwacht. Betekenisvol onderwijs vergroot betrokkenheid en plezier.

" Dat levert veel op, want een student die met plezier leert, is een gemotiveerde student – en wordt een betere leerkracht."

De aankomende leerkracht kan met filmeducatie onderwijs ontwerpen dat kennis en vaardigheden op een natuurlijke manier aan elkaar verbindt en in context plaatst. Denk bijvoorbeeld aan een student die leerlingen een korte documentaire laat bekijken over de waterhuishouding in Nederland en vervolgens een onderzoeksopdracht koppelt aan wereldoriëntatie, rekenen en digitale geletterdheid tegelijk. Of denk aan het organiseren van een projectweek over een thema als duurzaamheid of erfgoed, waarbij korte films leerlingen kunnen inspireren om in hun eigen buurt met camera in de hand op onderzoek uit te gaan. Zo komen kennis en vaardigheden samen in een product waar leerlingen en leerkracht trots op kunnen zijn.

De basisschoolleerling profiteert volop van betekenisvol onderwijs met film. Door filmeducatie komt de lesstof dichtbij en worden abstracte thema’s invoelbaar en concreet. Denk bijvoorbeeld aan het bekijken van een korte speelfilm over een kind in een ander land, om vervolgens daarover in gesprek te gaan. Film spreekt leerlingen aan, omdat het dichtbij hun belevingswereld ligt. Tegelijkertijd kunnen zij via film juist nieuwe perspectieven leren kennen. Zo wordt filmeducatie naast een speelse en motiverende manier van leren, ook een middel om de wereld beter te begrijpen.

Kortom

Op de pabo kun je met filmeducatie alle kanten op. Je helpt studenten vakken in samenhang aan te bieden, abstracte stof dichtbij te brengen en zet kennis en vaardigheden in context. Zo leer je toekomstige leerkrachten om filmbeelden te begrijpen, ermee te werken en bewust met film om te gaan, zodat zij dit vervolgens ook aan hun leerlingen kunnen doorgeven.

Zin gekregen om meteen aan de slag te gaan? Ga naar Aan de slag met film voor concrete lesactiviteiten die je kunt inzetten bij jouw vak of leergebied. Of ontdek bij Netwerk en ondersteuning hoe je in contact kunt komen met andere lerarenopleiders.

Volg ons op